Nieuwe staltechnieken onttrokken aan openbaarheid

Producenten van nieuwe stalsystemen en technieken hoeven geen informatie te verstrekken aan derden. De gegevens van goedgekeurde stalsystemen en technieken waaraan een voorlopige emissiefactor is toegekend, zijn niet openbaar. Dat hebben bedrijven die nieuwe technieken ontwikkelen, afgesproken met het ministerie van I&W.

Door deze afspraak zijn stalbeschrijvingen met een voorlopige emissiefactor alleen beschikbaar voor het bevoegd gezag. Boeren die het nieuwe stalsysteem willen toepassen, kunnen informatie opvragen bij de producent. Omwonenden die te maken krijgen met een nieuw stalsysteem, kunnen voor een beschrijving eveneens terecht bij de producent, maar deze bepaalt of hij de gewenste informatie beschikbaar stelt.

Deze gang van zaken staat beschreven op Infomil, kenniscentrum van de overheid. De afspraken met de leverancier/producenten van nieuwe stalsystemen dienen om oneerlijke concurrentie te voorkomen: iemand bedenkt iets nieuws, geeft een hoop geld uit aan ontwikkeling van de nieuwe techniek, sleept een erkenning van de overheid binnen, krijgt op basis van kostbare metingen een voorlopige emissiefactor toegekend en vervolgens gaat de concurrent, na publicatie van technische gegevens, met het idee aan de haal.

De afspraken hebben echter wel een neveneffect: belanghebbenden zoals omwonenden kunnen, wanneer een producent niet alle gegevens verstrekt, onmogelijk nagaan of in een vergunningaanvraag een nieuwe techniek met een voorlopige emissiefactor correct wordt toegepast. Het moet inzichtelijk zijn welke effecten toepassing van de nieuwe techniek heeft op leefomgeving en milieu. Gebruikelijk is dat er gedetailleerde beschrijvingen met systeemvereisten beschikbaar zijn via de website van Infomil.

De komende jaren verschijnen er talrijke nieuwe, emissie reducerende stalsystemen en technieken op de markt, veelal gesubsidieerd door de overheid. Dankzij de voorlopige emissiefactoren die de overheid toekent aan deze nieuwe technieken kan er gedurende maximaal drie jaar gebruik van worden gemaakt. Bedrijfsuitbreidingen die met behulp van een voorlopige emissiefactor worden vergund, zijn niet meer terug te draaien, wanneer later blijkt dat de definitieve emissiefactor hoger uitvalt.

Biofilter van JW Espo
Voorbeeld van een nieuwe techniek met een voorlopige emissiefactor is het biologisch luchtfilter van JW Espo. Het filter is doorgemeten door bureau Tauw op een varkensbedrijf. Op basis daarvan is er per 30 juni van dit jaar een voorlopige emissiefactor voor geur, fijnstof en ammoniak toegekend, uitgaande van 70% ammoniakreductie, 45% geurreductie en 80% fijnstofreductie. De emissiefactoren gelden voor biggen, zeugen en beren.
Naar nu blijkt is het luchtfilter inmiddels geïnstalleerd bij een mestverwerkingsinstallatie van Gasselte Bio Energie. Op nieuweoogst.nl heeft de producent het over een reductie van ammoniakemissie met 90 procent. De uitstoot van geur zou zelfs met 95 procent gereduceerd worden, aldus JW Espo.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

elf − 8 =