Dossier proces tegen de staat

In dit dossier plaatsen we alle relevante stukken voor de civiele procedure die door omwonenden van veehouderijen is aangespannen tegen de staat. De procedure is medio juni 2018 van start gegaan met een brief aan  landbouwminister Carola Schouten. Daarna is veel overleg gepleegd en zijn de resultaten van het onderzoek van de Commissie Biesheuvel afgewacht. Op 2 juni 2020 is de definitieve dagvaarding verzonden. Wil je meer informatie? Stuur dan een mail naar jinkehes@wxs.nl.

Statement proces tegen de staat
De Staat maakt zich schuldig aan discriminatie door een hogere geurbelasting toe te staan aan de veehouderij dan aan de industrie en door veehouderijen een hogere geurbelasting toe te staan in concentratiegebieden dan in niet-concentratiegebieden. Ter rechtvaardiging van dit onderscheid beroept de Staat zich op de bedrijfseconomische belangen van de veehouderij. Deze rechtvaardiging berust echter op een vergelijking van appels met peren. Voor zover bedrijfseconomische belangen bescherming verdienen, behoort dit te geschieden met bedrijfseconomische middelen, zoals prijsbeleid, belastingmaatregelen, subsidieregelingen en eventueel saneringsregelingen, en niet met verlaging van het beschermingsniveau van niet-bedrijfseconomische belangen, zoals woongenot. Op die manier worden de bedrijfseconomische mogelijkheden van de veehouderij betaald door de omwonenden van veehouderijen. Dat is onterecht, aangezien de omwonenden de omstandigheden waarin de veehouderij verkeert niet hebben veroorzaakt en niet kunnen beïnvloeden. Degenen die de genoemde omstandigheden wel mede hebben veroorzaakt en kunnen beïnvloeden, blijven daarentegen buiten schot: de veehouderijen en de Staat.