Door mestdroogtunnels meer ammoniak en stank

Mestdroogtunnels – favoriet bij pluimveehouders vanwege een verlaging van de afvoerkosten van mest – zijn slecht voor het milieu en omwonenden. Ze leiden tot een verhoging van de ammoniakuitstoot en een toename van de stank.

Volgens Hilko Ellen van Wageningen Universiteit kan de ammoniakuitstoot soms wel 100 keer hoger zijn dan vergund. Dat komt onder meer doordat pluimveehouders de mest door middel van mestbandbeluchting eerst in de stal voordrogen. ”Wanneer leghennenhouders de mest in de stal voordrogen, vindt er in de stal ammoniakvorming plaats en stijgt de ammoniakuitstoot”, aldus Ellen op pluimveeweb.nl. Vast is komen te staan dat wanneer de mest een drogestofgehalte van 45% bereikt, er een explosie van ammoniak plaatsvindt. Hij adviseert de mest dagelijks uit de stal te verwijderen en naar de droogtunnel af te voeren. Hij zei dat op een beurs voor intensieve veehouderij in Venray.

Dat mestdroogtunnels leiden tot meer ammoniak en stank staat ook al beschreven in het rapport ”Additionele maatregelen ter vermindering van emissies van bioaerosolen uit stallen: verkenning van opties, kosten en effecten op de gezondheidslast van omwonenden”. In het rapport wordt gesproken over een probleemverschuiving: minder fijnstof, maar meer ammoniak en stank.
Uit metingen blijkt dat de toename van ammoniak circa 200 gram per dierplaats per jaar bedraagt. Uitgaande van tien miljoen leghennen in Nederland die in een stal zitten met een mestdroogtunnel, zou het gaan om een niet berekende uitstoot van in totaal 2 miljoen kilo NH3. Het Nederlandse ammoniakplafond voor de gehele veehouderij is vastgesteld op in totaal 128 miljoen kilo.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

negen + dertien =