Vier provincies gevraagd naar gegevens over combiwassers

Twee leden van de burgerwerkgroep max5odeur hebben bij vier provincies (Gelderland, Overijssel, Noord-Brabant en Limburg) een WOB-verzoek ingediend om gegevens over gecombineerde luchtwassers ter beschikking te stellen. De werkgroep wil weten waar die luchtwassers staan en hoeveel er zich op een locatie bevinden.
Zoals bekend doen gecombineerde luchtwassers niet wat ze zouden moeten doen: de uitstoot van geur met 70 tot 80% verminderen.Omwonenden ondervinden daar veel hinder van. Na herberekening aan de hand van nieuw emissiefactoren kan er sprake zijn van een overschrijding van de geurnormen. De werkgroep max5odeur vindt dat de emissie van alle gecombineerde luchtwassers opnieuw moet worden berekend, zodat omwonenden weten waar ze aan toe zijn en eventueel actie kunnen ondernemen.

Farmair beticht ”cowboys” van gesjoemel met luchtwassers

Het luchtwasserdebacle wordt door luchtwasserfabrikant Farmair in de schoenen geschoven van ”cowboys”. Die zijn volgens Bram Claassen van Farmair verantwoordelijk voor ondeugdelijke installaties. In de uitzending van Nieuwsuur van 14 juli sprak hij over namaakluchtwassers, die sinds 2009 op de markt zijn gekomen.

Met ”cowboys” doelt Claassen op fabrikanten ”die het wat minder nauw nemen met de omschrijvingen en technische specificaties” waaraan luchtwassers moeten voldoen.
Fred Stouthart van de Brabantse omgevingsdienst zegt: ”Dat komt voor”. Hij erkent dat er bijna nooit wordt gecontroleerd hoeveel geur luchtwassers wegvangen. ”Dat is moeilijk te meten en het zijn ook dure metingen.”

In de uitzending komt ook Piet Catsburg uit het Brabantse Zeeland aan het woord. Hij is omwonende van een varkensbedrijf met een falende combi-wasser. Catsburg pleit voor een plan van aanpak door de overheid. De Brabantse gedeputeerde Van den Hout kon in de uitzending nog geen toezeggingen doen. Er wordt nu weliswaar onderzocht of er bewust is gesjoemeld met luchtwassers, maar ”dat is vooral interessant voor de boeren, die zo’n machine gekocht hebben, om te weten wie verantwoordelijk is. Voor ons als overheid is vooral de toekomst van belang.”

Van den Hout zei machteloos te staan tegenover de bestaande falende luchtwassers en zich nu vooral bezig te houden met innovaties, die ervoor zorgen dat er helemaal geen of veel minder geur ontstaat in varkensstallen. ”De boeren moeten geholpen worden, omdat we daarmee ook de omgeving helpen. Dat wil zeggen: geholpen worden in de toekomst en daarbij vooral vooruit kijken: waar moet een volgende generatie stallen aan voldoen.”. Hij erkende wel dat er door het luchtwasserdebacle nu meer overlastgebieden bij zijn gekomen, dat burgers nu een poot hebben om op te staan om daar iets aan te doen. ”En daar is steun van de overheid hard bij nodig.”

Omwonenden verdwijnen naar achtergrond in luchtwasserdebat

De varkenssector krijgt belangrijke een stem in de aanpak van het luchtwasserdebacle. Omwonenden die ten gevolge van dat debacle in de stank zitten, raakten tijdens het debat gisteren in de Tweede Kamer steeds verder op de achtergrond. Staatssecretaris van Veldhoven (D66) liet de kamer weten al druk in overleg te zijn met varkenssector, provincies en gemeenten.

Vaststaat dat de emissiefactoren voor nieuwe aanvragen zo snel mogelijk worden aangepast. De vraag is echter: wat te doen met reeds bestaande combiwassers, die de stank van veehouderijen onvoldoende wegnemen. De varkenssector heeft aangeboden om een plan van aanpak te maken, waarin per geval wordt bekeken wat de problemen zijn. Over het betrekken van omwonenden bij deze aanpak werd tijdens het debat in de Tweede Kamer met geen woord gerept.

In een brief aan de Kamer had Van Veldhoven al wel laten weten dat zij een onafhankelijke commissie *) heeft ingesteld die met oplossingen moet komen voor bestaande situaties. ”Omwonenden, veehouders, gemeenten en andere belanghebbenden zullen worden betrokken bij de uitvoering van de opdracht. Daarnaast heb ik de Commissie gevraagd om een bijdrage te leveren aan een robuust geurbeleid op de langere termijn”, aldus Van Veldhoven. Zij verwacht dat ze in november met de resultaten naar de Kamer kan.

Andere vraag is: wat te doen met lopende aanvragen? Volgens VVD-kamerlid Ziengs verkeren tweehonderd veehouders in onzekerheid. Daarover is de staatssecretaris al in gesprek met provincies en gemeenten. Volgens Van Veldhoven is er een groot verschil tussen een aanvraag die net is ingediend en een vergunningprocedure die al bijna is afgerond. Ook op dit onderdeel werd het belang van omwonenden en een eventuele rol van hen bij dat overleg, niet genoemd.
*) De commissie staat onder leiding van mr. P.J. Biesheuvel, voormalig CDA-politicus en lid van de Tweede Kamer tot 2002, voor 1986 werkzaam bij de Christelijke Boeren- en Tuindersbond, bij de Unie van Waterschappen en de Agrarische Sociale Fondsen. 

Wethouder Stevens van Boxmeer negeert klachten over stank uit veehouderij

De Boxmeerse CDA-wethouder Peter Stevens negeert klachten over stank uit veehouderijen. In de Gelderlander zegt hij: ,,Als iemand uit Amsterdam hier komt, ruikt hij altijd wat. Wat stinkt en wat niet stinkt is moeilijk te beoordelen. Of iets stinkt of je iets ruikt is ook afhankelijk van de mood waarin je zit. Dat kun je met wet- en regelgeving niet regelen.’’

Inwoners van het dorp Sambeeken de wijken Catharinahof en Luneven klagen al jaren over een ondraaglijke stank, afkomstig van veehouderijen in de buurt. Omdat ze geen gehoor vinden bij de wethouder, hebben ze nu een Vereniging Stop de Stank Sambeek Boxmeer opgericht.
Woordvoerder Jan Arts zegt: ”Bij de gemeente Boxmeer loop je tegen een ondoordringbare muur. Er is te weinig of geen controle bij agrariërs. Of ze krijgen van tevoren bericht dat er gecontroleerd gaat worden. Er wordt niet gehandhaafd. Inwoners moeten leren leven met deze ondraaglijke situatie die kennelijk als normaal wordt ervaren. Klachten worden van tafel geveegd.”

Dat omwonenden van veehouderijen in de gemeente Boxmeer wethouder Stevens niet mee hebben, is al eens eerder aan het licht gekomen. Inwoners van Holthees hebben vorig jaar een klacht ingediend tegen de wethouder. Zij hebben veel kritiek op de rol van Stevens bij de uitbreiding van een varkenshouderij.
Stevens is behalve CDA-wethouder zelf ook varkenshouder. Daarnaast heeft hij als lid van de Raad voor Commissarissen een bezoldigde functie bij AB Brabant, een uitzendorganisatie voor de agrarische sector. Dat mag allemaal, maar klopt het ook wat hij zegt? Of roept hij maar wat?
”Wat stinkt en niet stinkt is moeilijk te beoordelen”, zegt hij. Dat is in elk geval onjuist. Er is, zoals hij zelf natuurlijk ook wel weet, een beoordelingssystematiek waarmee de mate van stank vanuit veehouderijen wordt bepaald. Daarnaast zijn er methoden om stank te meten. Die zijn onlangs weer toegepast om het rendement van luchtwassers vast te stellen.
”Dat kun je met wet- en regelgeving niet regelen”, zegt hij over de stank die omwonenden van veehouderijen ondervinden. Ook dat is onjuist. Er bestaan, zoals hij zelf natuurlijk ook wel weet, wettelijk vastgestelde geurnormen waaraan veehouderijen moeten voldoen. Daarnaast kan een gemeente zelf een eigen geurbeleid vaststellen, door lagere normen te hanteren. Ook dit is wettelijk vastgelegd.
Conclusie: wethouder Peter Stevens roept maar wat.

Luchtwasserdebacle: al in 2011 rinkelden de alarmbellen

Het luchtwasserdebacle komt niet als verrassing. De rijksoverheid heeft ruim tien jaar geleden een groot risico genomen door de gecombineerde luchtwassers toe te staan en ook nog eens zwaar te subsidiëren. Er waren twijfels, maar er waren ook positieve, Duitse meetrapporten. In 2011 rinkelden de eerste alarmbellen. De varkenssector had de combi-wassers echter nodig voor een onstuitbare schaalvergroting. De falende luchtwassers bleven nog jaren op de lijst van goedgekeurde technieken.

Lees meer

Uden en Boekel gebruiken strengere emissiefactoren voor luchtwassers

De gemeente Uden past strengere emissiefactoren toe bij bedrijven die gebruik maken van falende gecombineerde luchtwassers. De nieuwe emissiefactoren moeten nog officieel worden opgenomen in de zogeheten RAV-lijst. Uden wil daar niet op wachten en is al met twee veehouders in de slag over hun vergunningaanvraag, waarin sprake is van een gecombineerde luchtwasser.

Na een herberekening van de geuremissies op basis van de strengere emissiefactoren kan blijken dat het aantal dieren moet worden aangepast, of dat er andere maatregelen moeten worden getroffen, zoals het dagelijks verwijderen van mest uit de stallen. De strengere emissiefactoren zijn het gevolg van een onderzoek naar gecombineerde luchtwassers. Daaruit bleek dat deze veel minder stank reduceren dan lange tijd is aangenomen.

Wethouder Franko van Lankvelt zegt in het Brabants Dagblad: ,,Toen dit begin april bekend werd, is direct contact opgenomen met twee aanvragers. In een geval leidt dit tot een nieuwe aanvraag op basis van nieuwe cijfers, met de tweede aanvrager zijn we nog in gesprek. Het beperken van de extra geuroverlast voor de omgeving staat daarbij voorop.”

Ook de gemeente Boekel laat varkenshouders die een vergunning willen voor een stal met een gecombineerde luchtwasser nieuwe berekeningen uitvoeren. Daarbij moeten ze de emissiefactoren gebruiken die zijn gebaseerd op de uitkomsten van het onderzoek naar het rendement van deze installaties.

Update 14 juli 2018
De gemeente Gemert-Bakel past de nieuwe emissiefactoren voor gecombineerde luchtwassers toe voordat deze officieel zijn vastgesteld. Twaalf vergunningaanvragen worden opnieuw beoordeeld.

Gedupeerden stankoverlast stellen staat aansprakelijk

Achttien Nederlandse burgers uit Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel gaan de staat aansprakelijk stellen voor de geleden schade door stankoverlast. Vandaag is er een brief uitgegaan naar de minister van landbouw, waarin deze wordt uitgenodigd voor overleg over de ontstane situatie. Het is een laatste poging van de gedupeerden om een rechtsgang te voorkomen.

Burgers worden onvoldoende beschermd door de bestaande regelgeving, aldus advocaat Nout Verbeek, die samen met de milieujurist Valentijn Wösten de procedure zal aanspannen. Woongenot is een grondrecht. De staat handelt onrechtmatig door dit grondrecht onvoldoende te verzekeren, aldus Verbeek. De geurnormen moeten worden aangepast en de gedupeerde burgers die jarenlang in de stank hebben gezeten, moeten worden gecompenseerd.

Een van de gedupeerden, Piet Catsburg uit het Brabantse dorp Zeeland, heeft een verslaggever van de NRC uitgenodigd om eens te komen ruiken. Catsburg: ”Het is een geurdeken, die met de wind mee naar onze huizen komt zeilen. Dag in dag uit, elke dag van het jaar. Soms moet ik er bijna van overgeven. Mijn huis is onverkoopbaar geworden. Ruik eens: wie wil hier nog wonen?” Ook Valentijn Wösten komt in de NRC aan het woord: ”Wij strijden tegen de leugens van milieuwetgeving. Want met de huidige regelgeving worden niet de burgers beschermd tegen geurhinder, maar zijn de normen versoepeld. Daardoor kan de overheid mooi weer spelen.”

Lees ook Toelichting Wosten Wgv Staat Gedaagd 13 juni 2018
Lees ook het artikel in het Brabants Dagblad: Brabantse plattelandsbewoners klagen staat aan voor de stank

Miljoenen voor luchtwassers kalverhouderij

Het ministerie van landbouw trekt 7,5 miljoen euro uit voor luchtwassers in de kalverhouderij, zo blijkt uit een publicatie in de Staatscourant.

Dit terwijl uit onderzoek is gebleken dat luchtwassers die vooral interessant zijn voor de kalverhouderij – de zogeheten gecombineerde luchtwassers – op het gebied van ammoniak aanzienlijk slechter presteren dan in de regelgeving is vastgelegd. Metingen hebben aangetoond dat deze luchtwassers een kwart minder ammoniak verwijderen dan het verwachte prestatieniveau volgens de Rav-normering. Deze luchtwassers zijn niet uitgezonderd van de subsidie-regeling.

Beloning voor schaalvergroting
De subsidieregeling werkt de vorming van grotere bedrijven in de hand. Schaalvergroting wordt beloond. ”Een subsidie-aanvraag hoger wordt gerangschikt naarmate de vleeskalverenhouder meer stalplaatsen heeft, een hoger percentage van ammoniakreductie wordt bereikt en in een groter deel van het bedrijf deze ammoniakreductie wordt bereikt. Met het percentage ammoniakreductie wordt hier het theoretisch bereik bedoeld van de aan te schaffen luchtwasser(s)”, aldus het bericht in de Staatscourant. Verwacht wordt dat 200 kalverhouders gebruik zullen maken van de regeling.

Toename van stank
De subsidiëring van de luchtwassers zal ertoe leiden dat de stank rond kalverhouderijen toeneemt, aangezien de emissiefactoren van deze installaties op het gebied van geur nog niet zijn bijgesteld.

Burgergroepen: ook bestaande overlast door falende luchtwassers aanpakken

Er moet snel een plan van aanpak komen dat een einde maakt aan de overlast die burgers ervaren door falende luchtwassers.  Een herberekening op basis van nieuwe emissiefactoren moet duidelijk maken waar de geurnormen precies worden overschreden. De rijksoverheid dient te voorkomen dat burgers/omwonenden moeten procederen om van onrechtmatige stankhinder verlost te worden.

Dit schrijven ruim veertig burgergroepen uit Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel in een reactie op de ”Regeling tot wijziging van de Regeling ammoniak en veehouderij en de Regeling geurhinder en veehouderij”. De groepen vinden dat alle burgers in de omgeving van stallen met falende luchtwassers recht hebben op uitleg over de ontstane situatie. Een plan van aanpak dient te beginnen met communicatie.

Reactie internetconsultatie nieuwe emissiefactoren luchtwassers

Help! Mijn buurman heeft een luchtwasser

Houdt je buurman varkens of kalveren en heeft hij luchtwasser? Zit je desondanks in de stank? Grote kans dat hij een luchtwasser heeft die veel minder stank reduceert dan in zijn vergunning is vastgelegd.

Negen typen luchtwassers presteren lang niet zo goed als tot voor kort werd aangenomen, zo is door onderzoek aangetoond. Omwonenden krijgen bijna drie keer zoveel stank over zich heen. Staatssecretaris Stientje van Veldhoven lijkt vooralsnog niet bereid iets te doen aan deze misstand: vergund is vergund. Ze wil wel dat er bij nieuwe vergunningen nieuwe emissiefactoren worden toegepast, maar bestaande vergunningen kunnen volgens haar niet worden open gebroken, ook al kloppen de geurberekeningen van geen kant.

Wat nu te doen? 
1. Vraag de vergunning van je buurman op bij de gemeente.
2. Kijk of hij een luchtwasser heeft van een van de negen types.
3. Leg de geurberekeningen uit de vergunning voor aan een expert, bijvoorbeeld De Roever Omgevingsadvies. Vraag om een herberekening op basis van de nieuwe emissiefactoren, zodra deze definitief zijn vastgesteld (zie bijlage Concept regeling RAV en RGV versie 1 mei 2018).
4. Blijkt de veehouderij na herberekening boven de norm uit te komen, schakel dan een jurist in.
5. Vraag de jurist om een civiele en/of bestuursrechtelijke procedure op te starten.