Metingen in de praktijk kunnen een hoop dubieus rekenwerk vervangen

Het berekenen van geur en andere emissies uit veehouderijen kent een grote onzekerheidsmarge. De SGP-fractie in de Tweede Kamer vraagt daarom of het mogelijk is om meer te gaan meten. In zo’n meting kunnen ook de emissies van activiteiten die nu nog niet worden berekend, worden meegenomen.

In het antwoord van staatssecretaris Van Veldhoven (I&W) op vragen van de SGP duiken de e-noses weer op. De werkgroep max5odeur heeft daar al eerder voor gepleit. Bij een nulmeting kan de geurbelasting worden vastgesteld voordat er een nieuwe vergunning wordt verleend. Wanneer in een voorschrift bijvoorbeeld wordt opgenomen dat bij uitbreiding de geuremissie hooguit met 10% mag toenemen, kan met behulp van metingen indien nodig handhavend worden opgetreden.

Volgens Van Veldhoven is het zeker een optie. Maar de huidige meettechnieken zijn nog te complex en te duur om op praktijkstallen toe te passen. Er zijn echter diverse ontwikkelingen gaande op het gebied van sensoren voor ammoniak, geur en fijnstof. ”De uitkomsten van lopend onderzoek naar toepassing van sensoren worden gevolgd en bij positieve uitkomsten zal een vervolgonderzoek worden gestart naar de beleidsperspectieven ervan. De Omgevingswet geeft de ruimte om in de toekomst in te kunnen spelen op veranderingen in de stand der techniek”, aldus Van Veldhoven.

3 reacties op “Metingen in de praktijk kunnen een hoop dubieus rekenwerk vervangen

  1. Er is maar een oplossing en dat is beginnen met de dieraantallen in NL verminderen met 60% . Natuur en milieu stevenen op een ecologische ramp af. Omwonenden verstikken door de stank en de ammoniak. Gaan letterlijk dood door Q koorts enzovoort. Hoeveel doden wil de boer nog op zijn geweten hebben?

  2. “Er zijn echter diverse ontwikkelingen gaande op het gebied van sensoren voor ammoniak, geur en fijnstof”

    Is ammoniak het enige gas dat gemeten wordt om de geur te meten, of zijn er nog andere (meetbare) gassen die stank kunnen veroorzaken? Ik vraag dit omdat er nieuwe methoden komen om de emissie van ammoniak aanzienlijk te verlagen, maar ik ben benieuwd naar welke andere gassen er nog gekeken moet worden om de stank te verlagen.

    Ik vind het na het lezen van “Max-5-odour-22-januari-2015.pdf” nog steeds niet helemaal duidelijk hoe de odeurmeting tot stand komt. Welke specifieke gassen worden gemeten en welke factor hangt aan iedere gas? Of werkt de tot stand komen hiervan niet met een formule?
    Kortom wil ik weten hoe groot de impact van ammoniak is op de odeurmeting en met welke andere gassen er rekening gehouden moet worden.

  3. Beste Stephan,
    Geur – zeg maar gewoon stank – uit veehouderij wordt veroorzaakt door een mix van gasvormige componenten. Ammoniak is daar een van, maar deze stof is zeker niet de belangrijkste. Belangrijker zijn de vluchtige organische koolwaterstoffen, vetzuren, fenolen, indolen en de zwavelhoudende stoffen, de sulfiden. Ook ”gewoon” stof speelt een rol bij de verspreiding van geur.
    Stank wordt nu gemeten door een geurpanel. Dat bestaat uit mensen die mogen ruiken aan een luchtmonster. Dat wordt met behulp van een olfactometer samengesteld. Op het kennisplatform veehouderij/meten van geur vind je hier meer over. Er zijn wel zogeheten e-noses in ontwikkeling.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

acht − 3 =