Brabant schroeft eisen mestverwerkers op

Mestverwerkers in Brabant moeten maatregelen treffen om de uitstoot van stank en stof te verminderen. De provincie heeft de eisen opgeschroefd vanwege risico’s voor de volksgezondheid.

Op- en overslag van mest moet binnen gebeuren. Bacteriën moeten door verhitting worden gedood. De nieuwe regels zijn van toepassing als een mestverwerker een nieuwe vergunning aanvraagt.

Brabant loopt voorop
Brabant is hiermee de eerste provincie die een onderzoek van het RIVM vertaalt naar beleid. Er is onder burgers veel weerstand tegen de vestiging van mestverwerkers. Gebleken is dat ziekteverwekkende bacteriën vaak in mest voorkomen en dat deze zich kunnen verspreiden via water of lucht.

Om vast te stellen in hoeverre mest bijdraagt aan de ziektelast in Nederland is meer onderzoek nodig, aldus het RIVM. Bekend is wel is dat verspreiding naar het milieu kan plaatsvinden, onder meer doordat micro-organismen en endotoxinen zich kunnen hechten aan stof. De infectierisico’s door blootstelling via de lucht lijken volgens het RIVM op basis van de onderzochte E. colibacterie en de resistente bacterie MRSA kleiner te zijn dan via het oppervlaktewater. Verder blijkt het aantal ziekteverwekkers af te nemen als mest wordt bewerkt.

Geur van stallen en mestverwerker beter beoordelen
De provincie Brabant past nu het voorzorgprincipe toe. Bestaande mestverwerkers zullen bovendien beter worden gecontroleerd. Ook moeten zij hun uitstoot van stof kunnen verantwoorden. Wanneer blijkt dat die te hoog is, kan de overheid ingrijpen. Belangrijk onderdeel van het nieuwe beleid is dat een eigenaar van een veehouderij met een mestverwerker de stank die zijn stallen en installaties veroorzaken niet meer los van elkaar mag beoordelen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

vier × 3 =