”Inwoners van Buren kunnen Knorhof nog tegen houden”

De bekende milieu-jurist Valentijn Wösten ziet kansen om de bouw van een nieuwe mega-varkensstal Knorhof te voorkomen. Dat zegt hij in de Gelderlander. ”Maar voordat je juridische acties in gaat zetten is het zaak om vooral de politiek te overtuigen. Dat is de kortste weg naar succes. Morele verontwaardiging is mooi, maar politiek draagvlak is effectiever.’’

Wösten is door diverse mensen al benaderd voor advies om de herbouw van de Knorhof in de gemeente Buren, op de grens van Erichem en Kapel-Avezaath, te voorkomen. Het bedrijf Sebeva – eigendom van de omstreden varkenshouder Adriaan Straathof – hield daar tot 2017 circa 20.000 varkens. Al deze dieren kwam om door een grote stalbrand. Nu zijn er plannen voor een nieuwe megastal met bijna 26.000 varkens.

Wösten heeft volgens de Gelderlander nog geen concrete afspraken gemaakt over juridische bijstand: ”Er ligt nog geen bestuurlijk besluit. Maar we zijn in gesprek. Ik heb gezegd dat ze in dit stadium vooral moeten proberen om het politieke bestuur te overtuigen.’’

Het zwakke punt in het plan voor de nieuwe megastal vormen de luchtwassers. Naar de effectiviteit van deze installaties wordt op dit moment onderzoek gedaan. Eerder is gebleken dat luchtwassers onvoldoende presteren. Daarna zijn de emissiefactoren voor stank bijgesteld. Wösten verwijst naar nieuwe gegevens uit Overijssel, waar maar acht procent van de luchtwassers naar behoren functioneren. http://www.max5odeur.nl/drama-met-luchtwassers-in-overijssel-8-werkt-naar-behoren/

Inwoners Oisterwijk nemen geen genoegen met nieuwe stanknormen

Inwoners van Oisterwijk nemen geen genoegen met het nieuwe stankbeleid van hun gemeente. Het college van B&W wil de stanknorm voor de bebouwde kom vaststellen op 3 odeur en voor het buitengebied op 10 odeur.

De Vereniging Westend en Omwonenden Oisterwijk (VWOO) heeft laten weten 2 respectievelijk 5 odeur acceptabel te vinden.

Oisterwijk telt 691 woningen met een matige tot slechte milieu- kwaliteit ten gevolge van stankoverlast en 34 woningen met zeer slechte milieu-kwaliteit.
Alleen met strenge geurnormen kan de intensieve veehouderij gedwongen worden om stank- en ammoniakemissie aan de bron aan te pakken. Rechtvaardige geurnormen zijn een absolute voorwaarde voor een gezonde leefomgeving: omwonenden willen niet voor verrassingen komen te staan om vervolgens machteloos in de stank te zitten, aldus de VWOO.

Boekel pakt stankoverlast aan

Dat gemeenten nogal verschillen in de aanpak van stankoverlast bewijst Boekel. Daar heeft een gebiedsregisseur het voor elkaar gekregen dat drie stinkende varkensbedrijven worden gesaneerd en een vierde bedrijf de stankoverlast met driekwart moet verminderen.

Het Brabants Dagblad schreef erover op 13 februari: ”Buurtschap De Elzen in Boekel is blij verrast”. De krant laat Ria van Lankveld van de werkgroep de Elzen aan het woord: ”Het mooie is dat we niet meer lijnrecht tegenover elkaar staan maar het met z’n allen doen. Ondernemers en bewoners. Daar kunnen we samen trots op zijn. We hopen dat het Machiel gaat lukken.”

Machiel is varkenshouder Machiel Coppens. Hij heeft in Boekel drie vlak bij elkaar gelegen bedrijven: Neerbroek 29, daaraan grenzend Molenakker 3 en 5 en in de nabijheid Molenbrand 9. In 2015 legde de provincie de mestverwerker op Neerbroek stil omdat daar, in strijd met het bestemmingsplan, ook mest van Molenakker en Molenbrand werd verwerkt.  De verouderde stallen op Molenakker 3 en het voorste deel van Molenakker 5 met de stank veroorzakende brijkeuken en bijbehorende silo’s gaan nu dicht. Op last van de provincie. Coppens kan verder op de Molenbrand 5 en 9. Hij wil daar een gesloten bedrijf van maken en een nieuwe mestverwerker bouwen. De gemeente laat via het Brabants Dagblad weten dat hij wel de luchtwassers moet vernieuwen en nieuwe roostervloeren moet plaatsen. Verder moet hij zelf weten hoe hij de stank met 75% reduceert.

Coppens moet zelf maar zien hoe hij de stank met 75% reduceert

Coppens heeft voor Molenbrand 9 een Natuurbeschermingswetvergunning uit 2016. Hij mag er 6500 vleesvarkens, 6000 biggen en 1150 zeugen houden. De verwachting is dat hij meer varkens wil gaan houden om zijn investeringen terug te verdienen. Dat zou hij kunnen doen door intern te salderen met de varkens in de stallen van Molenakker 5 waar hij een vergunning heeft voor. 10.000 vleesvarkens 4600 biggen, 1400 zeugen.

Onderdeel van het saneringsplan is dat er nog drie andere varkensbedrijven op termijn verdwijnen uit buurtschap De Elzen, zo meldt het Brabants Dagblad.
Aan de Molenakker 4 (Twan van de Heuvel) worden twee verouderde stallen gesaneerd. Op De Elzen 6a (Ronnie Braks) worden twee oude stallen op korte termijn gesloopt. Twee andere mogen nog tien jaar blijven bestaan. De gemeente Boekel spreekt van een sterfhuisconstructie. De Elzen 10a ( Ad van de Boom): de varkens die hier worden gehouden verhuizen naar zijn bedrijf in De Rips. De mestopslag op De Elzen mag blijven, maar de mestverwerking ten behoeve van zijn landbouwbedrijf niet, omdat er straks geen dieren meer zitten.

Gert van Dooren: ”De wil ontbreekt om overlast aan te pakken”

Gert van Dooren, lid van de werkgroep max5odeur, blijft procederen tegen boerenbedrijven die stankoverlast veroorzaken. Hij voert al jaren actie in zijn woonplaats Erp, gemeente Veghel. ”De gemeente heeft zitten slapen. Het was hier zelfs mogelijk om tot aan het dorp uit te breiden als boer. Dan vraag je je wel af: heb je als burger nog wel rechten in het buitengebied?’’

Omroep Brabant portretteerde burger Van Dooren in de serie ”Boer met kiespijn”. Volgens Gert is er een groot gebrek aan kennis in de politiek. “En er is geen wil om de overlast aan te pakken, merk ik. Dat vind ik schandelijk. Je gaat ervan uit dat het in Nederland allemaal goed geregeld is, maar op dit niveau is het juist heel slecht geregeld”, aldus Van Dooren op de website van Omroep Brabant.

Gert is in zijn woonplaats omringd door intensieve veehouderij. Door de schaalvergroting heeft hij het aantal dieren in zijn omgeving zien verdubbelen.
Er lopen in de gemeente Veghel diverse procedures tegen boeren. Maar Gert van Dooren probeert ook in verschillende werkgroepen over stankoverlast zaken te veranderen. Zo heeft hij deelgenomen aan de evaluatie wet geurhinder veehouderij, aan de klankbordgroep onderzoek luchtwassers, en aan diverse overlegrondes over het Brabantse veehouderijbeleid. Ook is hij bestuurslid van het Brabants Burgerplatform. “Zowel landelijk als provinciaal merk je gewoon dat het stroef gaat en dat het moeilijk is om de situatie te verbeteren”, aldus Van Dooren.
Procederen, overleggen, vergaderen – “Ik doe het niet alleen voor mezelf”, zegt hij. “Maar ook voor de gezondheid van mijn kinderen en voor het welzijn van mensen in de buurt. Ik merk dat die blij zijn dat ik het doe, omdat ze zelf geen gedoe willen met boeren in de omgeving. Dat snap ik wel. Sommige boeren willen heus wel meedenken, maar met anderen valt eigenlijk niet te praten.”