Wethouder Stevens van Boxmeer negeert klachten over stank uit veehouderij

De Boxmeerse CDA-wethouder Peter Stevens negeert klachten over stank uit veehouderijen. In de Gelderlander zegt hij: ,,Als iemand uit Amsterdam hier komt, ruikt hij altijd wat. Wat stinkt en wat niet stinkt is moeilijk te beoordelen. Of iets stinkt of je iets ruikt is ook afhankelijk van de mood waarin je zit. Dat kun je met wet- en regelgeving niet regelen.’’

Inwoners van het dorp Sambeeken de wijken Catharinahof en Luneven klagen al jaren over een ondraaglijke stank, afkomstig van veehouderijen in de buurt. Omdat ze geen gehoor vinden bij de wethouder, hebben ze nu een Vereniging Stop de Stank Sambeek Boxmeer opgericht.
Woordvoerder Jan Arts zegt: ”Bij de gemeente Boxmeer loop je tegen een ondoordringbare muur. Er is te weinig of geen controle bij agrariërs. Of ze krijgen van tevoren bericht dat er gecontroleerd gaat worden. Er wordt niet gehandhaafd. Inwoners moeten leren leven met deze ondraaglijke situatie die kennelijk als normaal wordt ervaren. Klachten worden van tafel geveegd.”

Dat omwonenden van veehouderijen in de gemeente Boxmeer wethouder Stevens niet mee hebben, is al eens eerder aan het licht gekomen. Inwoners van Holthees hebben vorig jaar een klacht ingediend tegen de wethouder. Zij hebben veel kritiek op de rol van Stevens bij de uitbreiding van een varkenshouderij.
Stevens is behalve CDA-wethouder zelf ook varkenshouder. Daarnaast heeft hij als lid van de Raad voor Commissarissen een bezoldigde functie bij AB Brabant, een uitzendorganisatie voor de agrarische sector. Dat mag allemaal, maar klopt het ook wat hij zegt? Of roept hij maar wat?
”Wat stinkt en niet stinkt is moeilijk te beoordelen”, zegt hij. Dat is in elk geval onjuist. Er is, zoals hij zelf natuurlijk ook wel weet, een beoordelingssystematiek waarmee de mate van stank vanuit veehouderijen wordt bepaald. Daarnaast zijn er methoden om stank te meten. Die zijn onlangs weer toegepast om het rendement van luchtwassers vast te stellen.
”Dat kun je met wet- en regelgeving niet regelen”, zegt hij over de stank die omwonenden van veehouderijen ondervinden. Ook dat is onjuist. Er bestaan, zoals hij zelf natuurlijk ook wel weet, wettelijk vastgestelde geurnormen waaraan veehouderijen moeten voldoen. Daarnaast kan een gemeente zelf een eigen geurbeleid vaststellen, door lagere normen te hanteren. Ook dit is wettelijk vastgelegd.
Conclusie: wethouder Peter Stevens roept maar wat.

Luchtwasserdebacle: al in 2011 rinkelden de alarmbellen

Het luchtwasserdebacle komt niet als verrassing. De rijksoverheid heeft ruim tien jaar geleden een groot risico genomen door de gecombineerde luchtwassers toe te staan en ook nog eens zwaar te subsidiëren. Er waren twijfels, maar er waren ook positieve, Duitse meetrapporten. In 2011 rinkelden de eerste alarmbellen. De varkenssector had de combi-wassers echter nodig voor een onstuitbare schaalvergroting. De falende luchtwassers bleven nog jaren op de lijst van goedgekeurde technieken.

Lees meer

Uden en Boekel gebruiken strengere emissiefactoren voor luchtwassers

De gemeente Uden past strengere emissiefactoren toe bij bedrijven die gebruik maken van falende gecombineerde luchtwassers. De nieuwe emissiefactoren moeten nog officieel worden opgenomen in de zogeheten RAV-lijst. Uden wil daar niet op wachten en is al met twee veehouders in de slag over hun vergunningaanvraag, waarin sprake is van een gecombineerde luchtwasser.

Na een herberekening van de geuremissies op basis van de strengere emissiefactoren kan blijken dat het aantal dieren moet worden aangepast, of dat er andere maatregelen moeten worden getroffen, zoals het dagelijks verwijderen van mest uit de stallen. De strengere emissiefactoren zijn het gevolg van een onderzoek naar gecombineerde luchtwassers. Daaruit bleek dat deze veel minder stank reduceren dan lange tijd is aangenomen.

Wethouder Franko van Lankvelt zegt in het Brabants Dagblad: ,,Toen dit begin april bekend werd, is direct contact opgenomen met twee aanvragers. In een geval leidt dit tot een nieuwe aanvraag op basis van nieuwe cijfers, met de tweede aanvrager zijn we nog in gesprek. Het beperken van de extra geuroverlast voor de omgeving staat daarbij voorop.”

Ook de gemeente Boekel laat varkenshouders die een vergunning willen voor een stal met een gecombineerde luchtwasser nieuwe berekeningen uitvoeren. Daarbij moeten ze de emissiefactoren gebruiken die zijn gebaseerd op de uitkomsten van het onderzoek naar het rendement van deze installaties.

Update 14 juli 2018
De gemeente Gemert-Bakel past de nieuwe emissiefactoren voor gecombineerde luchtwassers toe voordat deze officieel zijn vastgesteld. Twaalf vergunningaanvragen worden opnieuw beoordeeld.

Gedupeerden stankoverlast stellen staat aansprakelijk

Achttien Nederlandse burgers uit Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel gaan de staat aansprakelijk stellen voor de geleden schade door stankoverlast. Vandaag is er een brief uitgegaan naar de minister van landbouw, waarin deze wordt uitgenodigd voor overleg over de ontstane situatie. Het is een laatste poging van de gedupeerden om een rechtsgang te voorkomen.

Burgers worden onvoldoende beschermd door de bestaande regelgeving, aldus advocaat Nout Verbeek, die samen met de milieujurist Valentijn Wösten de procedure zal aanspannen. Woongenot is een grondrecht. De staat handelt onrechtmatig door dit grondrecht onvoldoende te verzekeren, aldus Verbeek. De geurnormen moeten worden aangepast en de gedupeerde burgers die jarenlang in de stank hebben gezeten, moeten worden gecompenseerd.

Een van de gedupeerden, Piet Catsburg uit het Brabantse dorp Zeeland, heeft een verslaggever van de NRC uitgenodigd om eens te komen ruiken. Catsburg: ”Het is een geurdeken, die met de wind mee naar onze huizen komt zeilen. Dag in dag uit, elke dag van het jaar. Soms moet ik er bijna van overgeven. Mijn huis is onverkoopbaar geworden. Ruik eens: wie wil hier nog wonen?” Ook Valentijn Wösten komt in de NRC aan het woord: ”Wij strijden tegen de leugens van milieuwetgeving. Want met de huidige regelgeving worden niet de burgers beschermd tegen geurhinder, maar zijn de normen versoepeld. Daardoor kan de overheid mooi weer spelen.”

Lees ook Toelichting Wosten Wgv Staat Gedaagd 13 juni 2018
Lees ook het artikel in het Brabants Dagblad: Brabantse plattelandsbewoners klagen staat aan voor de stank

Miljoenen voor luchtwassers kalverhouderij

Het ministerie van landbouw trekt 7,5 miljoen euro uit voor luchtwassers in de kalverhouderij, zo blijkt uit een publicatie in de Staatscourant.

Dit terwijl uit onderzoek is gebleken dat luchtwassers die vooral interessant zijn voor de kalverhouderij – de zogeheten gecombineerde luchtwassers – op het gebied van ammoniak aanzienlijk slechter presteren dan in de regelgeving is vastgelegd. Metingen hebben aangetoond dat deze luchtwassers een kwart minder ammoniak verwijderen dan het verwachte prestatieniveau volgens de Rav-normering. Deze luchtwassers zijn niet uitgezonderd van de subsidie-regeling.

Beloning voor schaalvergroting
De subsidieregeling werkt de vorming van grotere bedrijven in de hand. Schaalvergroting wordt beloond. ”Een subsidie-aanvraag hoger wordt gerangschikt naarmate de vleeskalverenhouder meer stalplaatsen heeft, een hoger percentage van ammoniakreductie wordt bereikt en in een groter deel van het bedrijf deze ammoniakreductie wordt bereikt. Met het percentage ammoniakreductie wordt hier het theoretisch bereik bedoeld van de aan te schaffen luchtwasser(s)”, aldus het bericht in de Staatscourant. Verwacht wordt dat 200 kalverhouders gebruik zullen maken van de regeling.

Toename van stank
De subsidiëring van de luchtwassers zal ertoe leiden dat de stank rond kalverhouderijen toeneemt, aangezien de emissiefactoren van deze installaties op het gebied van geur nog niet zijn bijgesteld.